Iedereen heeft een mening over Ibiza, zelfs de mensen die er nog nooit een voet aan wal hebben gezet. “Oh, dat is toch dat eiland waar je struikelt over de dronken Engelsen en waar een colaatje twaalf euro kost?” Ja en nee. Kijk, als je alleen in San Antonio blijft hangen, klopt dat beeld aardig. Maar na tientallen keren op ‘het witte eiland’ te zijn geland, durf ik wel te zeggen dat Ibiza een beetje schizofreen is – op de best mogelijke manier.
Je hebt het Ibiza van de decibellen en de VIP-tafels, en je hebt het Ibiza van de geitenpaden, rode aarde en dennenbossen die zo sterk ruiken dat je het al proeft zodra de vliegtuigteuren opengaan. Bij Vakantieregios.nl hebben we door de jaren heen heel wat Europese eilanden gezien, van Griekenland tot de Canarische Eilanden, maar de vibe op Ibiza blijft ongrijpbaar anders. Het is een mix van totale chaos en absolute stilte.
In dit stuk ga ik niet de standaard VVV-praatjes ophangen. Ik neem je mee naar het Ibiza zoals het echt is: duur, druk, maar verdomd mooi als je weet welk zandpad je moet inslaan.
De twee gezichten van het eiland: Noord versus Zuid
De eerste fout die veel mensen maken, is denken dat het eiland klein is. Qua kilometers klopt dat – je rijdt in drie kwartier van zuid naar noord – maar qua sfeer reis je gevoelsmatig naar een ander continent. Het zuiden, rondom Eivissa (Ibiza-stad) en Playa d’en Bossa, is waar de energie zit. Hier vind je de superclubs, de files en de stranden waar ‘zien en gezien worden’ topsport is.
Maar rijd je voorbij Santa Gertrudis richting het noorden, dan verandert alles. De wegen worden slechter, de huizen witter en de mensen relaxter. Hier, in de regio rondom Sant Joan en Portinatx, vind je dat ‘boho-sfeertje’ waar het eiland ooit beroemd om werd, voordat de grote commercie toesloeg. Als je rust zoekt en niet om vier uur ’s nachts wakker gehouden wilt worden door de bas van de buren, boek je accommodatie in het noorden of het oosten (omgeving Santa Eulalia).
Het strandleven: méér dan alleen een bedje huren
Laat we eerlijk zijn: de stranden (of ‘calas’) zijn de reden dat je komt. Maar in het hoogseizoen is het oorlog om een parkeerplek. Ik heb mensen wel eens bijna op de vuist zien gaan bij Cala Salada omdat er één plekje vrijkwam. Mijn advies? Sta vroeg op, of ga juist pas laat in de middag.
Hier zijn een paar plekken die de moeite waard zijn, zonder het standaard lijstje af te draaien:
- Cala Nova is mijn persoonlijke favoriet als je van een beetje ruigheid houdt. In tegenstelling tot de meeste baaitjes aan de westkant waar het water strak staat, heb je hier vaak golven. Er zitten een paar toffe strandtenten, zoals Atzaró Beach, waar het eten goed is (maar de rekening pittig).
- Voor het echte snorkelen moet je bij Cala Xarraca in het noorden zijn. Geen zandstrand waar je lekker zacht ligt, maar rotsen en kiezels. Waterschoenen zijn hier geen overbodige luxe, tenzij je eeltlaag metersdik is. Het water is er glashelder omdat er geen zand omwoelt.
- Benirràs is iconisch, maar wees gewaarschuwd voor de zondagen. De zonsondergang met de trommelaars is legendarisch, maar het is tegenwoordig zo druk dat de politie de weg vaak al om 16:00 uur afsluit. Ga op een dinsdag of woensdag; de zon zakt precies hetzelfde de zee in, maar je hebt tenminste ruimte om je handdoek uit te slaan.
- Sa Caleta, met die bizarre rode rotswanden. Het lijkt wel Mars daar. Het restaurant dat er zit is perfect voor vis, maar reserveer een week van tevoren. Serieus.
Dalt Vila: Zweten voor het uitzicht
Je kunt Ibiza niet verlaten zonder door de oude stad te hebben gelopen. Dalt Vila is het historische, ommuurde fort dat boven Eivissa uittorent. Veel toeristen maken de fout om dit op het heetst van de dag te doen. Doe dat niet. Tenzij je het leuk vindt om als een kreeft boven te arriveren na een klim over spekgladde, eeuwenoude keien.
Ga rond zonsondergang. Start beneden bij de oude marktplaats, wandel omhoog door de poort en verdwaal een beetje. Je komt vanzelf uit bij de kathedraal bovenop. Het uitzicht over de haven en richting Formentera is elke zweetdruppel waard. Als je weer naar beneden rolt, plof dan neer op Plaza del Parque. Ja, het is toeristisch, maar het is dé plek om mensen te kijken. Straatartiesten, miljardairs, hippies en verdwaalde clubbers; alles en iedereen komt hier samen.
Hippiemarkten: Trap er niet (helemaal) in
De term ‘hippiemarkt’ is op Ibiza een briljant marketingconcept geworden. De tijd dat er echte hippies hun handgemaakte spullen verkochten vanuit een oud busje is grotendeels voorbij. Tegenwoordig zie je op de grote markten veel spullen die ook gewoon in China geproduceerd zijn. Moet je ze daarom overslaan? Nee, want de sfeer is wel gewoon gezellig.
Las Dalias in San Carlos blijft de klassieker. Vooral de avondmarkten in de zomer zijn sfeervol, met live muziek en minder hitte. Het voelt meer als een festivalletje dan een markt. Punta Arabí is de grootste en eerlijk gezegd mijn minst favoriete: het is massaal, stoffig en erg druk. Als je iets authentiekers zoekt, kijk dan of er kleine rommelmarkten zijn, zoals bij de paardenrenbaan in San Jordi op zaterdagochtend. Daar staan de locals hun zolderverkoop te houden en vind je soms nog échte pareltjes.
Het nachtleven: Prijzig maar ongeëvenaard
Ook als je niet van techno houdt, is het nachtleven van Ibiza fascinerend om te observeren. Het niveau van de producties in clubs als Hï Ibiza of Ushuaïa is van een andere planeet. Het geluid, de lichtshows, de dansers – het is entertainment van de bovenste plank.
Maar laten we praktisch zijn: het kost een vermogen. Een ticket aan de deur kopen is financiële zelfmoord. Koop je tickets vooraf online, dat scheelt soms tientallen euro’s. En de drankprijzen? Tja, reken op 15 tot 20 euro voor een mixdrankje en rond de 12 euro voor een biertje. Het is belachelijk, iedereen weet het, maar je betaalt het toch. Een flesje water kost in de club ook de hoofdprijs, maar blijf alsjeblieft drinken, want het wordt heet binnen.
Tip van de dag: De party-boten worden vaak over het hoofd gezien, maar zijn vaak aanzienlijk goedkoper (inclusief drank) en je ziet nog wat van de kustlijn. Vooral voor groepen vrienden is dit vaak leuker dan op elkaar gepakt staan in een donkere zaal.
Eten en drinken: Van plastic stoel tot linnen tafelkleed
Op culinair vlak is Ibiza in de afgelopen tien jaar geëxplodeerd. Je kunt eten bij sterrenrestaurants, maar de echte ziel van het eiland vind je in de traditionele tentjes.
- Bestel ergens Bullit de Peix. Dit is een traditionele visstoofpot met aardappelen en aioli, vaak gevolgd door rijst die gekookt is in de bouillon van de vis (Arroz a Banda). Restaurant El Bigotes bij Cala Mastella is hier legendarisch voor, maar ze hebben geen telefoon en je moet er fysiek heen om te reserveren (of heel veel geluk hebben).
- Voor de lekkerste belegde broodjes (bocadillos) tussen de middag, rijd je naar Bar Costa in Santa Gertrudis. Ze hebben een terras waar je heerlijk mensen kunt kijken, en binnen hangt het vol met schilderijen die kunstenaars vroeger ruilden voor eten. Simpel, betaalbaar en goddelijk lekker.
- En dan is er Hierbas Ibicencas. Je ontkomt er niet aan. Dit anijslikeurtje wordt vaak na het eten aangeboden (soms van het huis, soms op de rekening). Iedere familie op het eiland heeft zijn eigen recept, maar de versie van ‘Mari Mayans’ zie je in de winkels. Pas op: het drinkt weg als limonade, maar de kater de volgende dag is genadeloos.
Praktische zaken voor je vertrekt
Ik krijg vaak de vraag: “Heb ik een auto nodig?” Ja. 100% ja. Het openbaar vervoer is prima voor de hoofdwegen tussen de grote steden, maar je komt er niet mee bij die mooie baaitjes. Taxi’s zijn in het hoogseizoen een drama; je staat soms uren te wachten of de centrale neemt de telefoon niet eens op. Een huurauto gunt je vrijheid. Huur wel iets kleins. De wegen zijn smal en parkeerplekken zijn krap. Met een grote SUV sta je alleen maar te zweten in steegjes.
Water uit de kraan is een no-go. Het is veilig in de zin dat je er niet direct dood aan gaat, maar het smaakt ontzettend zout en chloorachtig vanwege de waterontziltingsinstallaties. Tandenpoetsen kan, maar voor koffie of drinkwater haal je flessen uit de supermarkt.
Beste reistijd
Als je niet vastzit aan de schoolvakanties, ga dan in mei, juni of eind september. De zee is in september heerlijk opgewarmd na de lange zomer, maar de grootste gekte is voorbij. Oktober is vaak prachtig en rustig, maar dan beginnen sommige strandtenten al hun deuren te sluiten. Augustus is alleen leuk als je houdt van hitte, drukte en overal de hoofdprijs voor betalen.
Ibiza is uiteindelijk wat je er zelf van maakt. Je kunt er tienduizend euro in een week stukslaan aan champagne en VIP-beds, of je kunt met een huurauto, een koeltasje van de supermarkt en een handdoekje genieten van de mooiste zonsondergangen van de Middellandse Zee voor bijna niks. Die keuze is aan jou.
